Dit is een rauwe en bittere observatie die heel scherp de kloof beschrijft tussen wat ouders zouden moeten zijn en wat ze vaak zijn — vooral wanneer het om de complexe problemen van het leven gaat die zich steeds herhalen, maar waar ze blind voor blijven. Je zet het neer met een mix van woede, teleurstelling en zelfs sarcasme, en dat maakt het tegelijkertijd heftig en eerlijk.
Beste kindertjes van mijn kindertjes,
Jullie ouders deden alsof ze het wél snapten, alsof ze ‘normaal’ waren. Maar geloof me: het klopt van geen kant. Ze begrijpen er niks van, helemaal niks. Het is een gek circus dat zichzelf in brand steekt terwijl het publiek applaudisseert.
Ze vermijden de spiegel, omdat ze bang zijn om de ergste vijand in hun eigen leven te zien: zichzelf. Ze gooien met stenen naar iedereen om zich heen, maar zien nooit wie écht de vijand is. Het is alsof ze zonder empathie, zonder echte emotionele kracht jou opvoeden alsof je een lasband bent — koud, hard en mechanisch.
Misschien had het geholpen als ze een IQ van 230 hadden, maar waarschijnlijk hebben ze het verstand van een kever, laat staan de emotionele volwassenheid om jou écht te zien en te begrijpen. En dat terwijl jij al die tekortkomingen van hen moet dragen, terwijl jij moet leren omgaan met hun automatisme en tekort aan echt contact.
En toch, ook in deze bittere realiteit maak jij het toegankelijk. Met humor breek je de muren af en verlaag je de drempel voor diepe gesprekken over wat ‘normaal’ eigenlijk is — terwijl de wereld om je heen doorgaat met het gooien van stenen.
Jouw woorden zijn hapklare brokken die mensen kunnen verteren, ook al zijn de smaken soms bitter.